Follow Up: Het Balletorkest – Orkestbode en Assistent-Orkestmanager

Met een niet aflatende liefde voor muziek, een noodzaak voor intellectuele uitdaging en geen rust voor een gewone kantoorfunctie, heeft Frederik Advokaat als Orkestbode en Assistent-Orkestmanager bij Het Balletorkest zijn ideale baan gevonden. Hij legt graag uit waarom.

Frederik: “Mijn baan is een combinatie van Orkestbode, wat in feite een ‘sjouwfunctie’ is, en Assistent-Orkestmanager, wat meer mensenwerk is, op kantoor. Dat past heel erg bij mijn profiel: ik heb een academisch stel hersens, maar totaal geen zitvlees. Een doorsnee kantoorbaan is aan mij dus niet besteed, maar in een zuiver praktische functie mis ik de mentale uitdaging. Plus, mijn leven draait om muziek: ik heb muziekwetenschap gestudeerd en bespeel zelf meerdere instrumenten. Een baan als deze, waarin ik dicht bij de muziek kan zijn, is mij daarom op het lijf geschreven.

Vacature

Toen ik de vacature voorbij zag komen sprak hij me direct heel erg aan, maar tegelijkertijd had ik al een hele fijne baan als Stage Manager bij Akoesticum (Nationaal trainingscentrum voor muziek, dans en theater, red.). Ik wilde hem daarom toch maar aan me voorbij laten gaan, maar het bleef knagen. Bovendien werd ik binnen een week door maar liefst drie verschillende vrienden getipt over de vacature. Uiteindelijk kwam ik tot de conclusie: ik hoef het niet te worden, maar ik ga er wel op reageren anders blijf ik het mezelf kwalijk nemen. Ik heb toen een briefje geschreven waarin ik eigenlijk zei dat ik al een goede baan had, maar dat we misschien eens in gesprek konden gaan om te zien of we toch iets voor elkaar konden betekenen, eventueel op invalbasis.

Tijdens het daaropvolgende gesprek klikte het direct heel goed, en uiteindelijk heb ik binnen een week toch de mentale omslag gemaakt en besloten over te stappen. Ik realiseerde me dat deze functie gewoon heel goed zou zijn voor me. Het enige nadeel was dat deze 0,8 fte niet te combineren was met mijn eigenlijk al meer dan fulltime baan bij Akoesticum, dus daar heb ik met pijn in het hart afscheid moeten nemen. Die organisatie is een beetje mijn kindje geworden, doordat ik er de pionierstijd heb meegemaakt. Maar goed, ook kinderen moet je leren loslaten! Gelukkig kun je nog wel een keertje bij ze ‘op bezoek’ gaan: ik blijf bij Akoesticum betrokken op 0-uren basis, zodat ik af en toe nog kan invallen. En deze nieuwe baan wordt me daar zeer gegund, dat scheelt.

Eigenlijk heeft het op alle fronten goed uitgepakt: ik heb bij Akoesticum een goede kracht kunnen aandragen en daar groeit het besef dat dit misschien wel de juiste stap was voor de organisatie op dit moment. Akoesticum bestaat sinds 2015 en om nu iemand in deze functie te hebben die niet te maken heeft gehad met alle kleine ‘frustratietjes’ van een beginnende organisatie met (te) weinig geld, blijkt een goede zet. Mijn opvolgster kijkt met een frisse blik naar het geheel en krijgt dingen soms zelfs makkelijker voor elkaar dan ik! In plaats van dat ik weer eens over een oud pijnpuntje begin, is het voor haar gewoon gek dat zoiets nog niet goed geregeld is; zo krijgt ze mensen vaker mee.

Ruimtelijke puzzels

Het overgrote deel van mijn werk voor Het Balletorkest is dat van Orkestbode. Ik ben in de leer bij een oude rot in het vak, Wolfgang Hommes, die in de sector zeer gewaardeerd wordt om zijn accuratesse. Het is voor mij een eer om met hem samen te mogen werken. Specifiek voor dit orkest is dat we nauwelijks op een podium spelen, maar bijna altijd in een orkestbak bij een dansvoorstelling. Dat is mooi om mee te mogen maken, maar brengt lastige uitdagingen met zich mee. Zo is er bijna altijd ruimtegebrek en moet je de orkestopstelling dus slim indelen. Ook zijn er eigenlijk aan alle kanten muren door de structuur van de bak, dus daar moet je goed rekening mee houden met het oog op de akoestiek. Hoorns achterin zijn bijvoorbeeld lastig vanwege de geluidsprojectie naar rechtsachter; je wilt niet dat het geluid terugkaatst of, erger nog, met vertraging terugkomt. Een tuba kan weer niet onder het podium, omdat de beker omhoog gericht is en dan tegen het plafond projecteert. Contrabassen zijn hoog en moeten dus achteraan omdat anders de anderen de dirigent niet meer kunnen zien: in dit soort ruimtelijke kwesties zijn wij gespecialiseerd.

Mijn werkzaamheden voor het Balletorkest liggen erg in het verlengde van alles dat ik eerder heb gedaan, vanaf de tijd dat ik als zomerbaantje bij de summer academy van het NJO (Nationaal Jeugd Orkest, red.) de stoeltjes en lessenaars kwam neerzetten tot mijn werk voor Organisatie Oude Muziek Utrecht en Akoesticum. Het verschil met het werken met zo’n professioneel orkest is dat je niet alleen de muziek mogelijk moet maken, maar je in feite ook de werkplek van de musici inricht. Die moet dus voldoen aan officiële Arbo-eisen: je kunt niet ‘zomaar’ iets doen. Bovendien moet alles tot in de puntjes verzorgd zijn, zodat de musici zich niet bezig hoeven houden met zoeken naar een lessenaar of wiebelende stoelen. Als kantoormedewerker ga je immers ook niet eerst zelf een tafel en computer verplaatsen; je wilt gewoon aan het werk.

Werken met een ballet

Het feit dat dit orkest een dansvoorstelling begeleidt maakt tijdens mijn werk eigenlijk weinig uit. De dans speelt zich ‘een verdieping hoger’ af en ik zie er tijdens repetities of voorstellingen dan ook vrijwel niets van. Wel is het erg leuk om nu langs deze weg kennis te maken met ballet, bijvoorbeeld door buiten werktijd even aan te schuiven bij een repetitie. Met al mijn kunstwaardering was de dans er altijd een beetje bij ingeschoten, en nu krijg ik er toch heel wat van mee.

Meegaan op tournee is leuk, maar ook zwaar. Je moet steeds opnieuw uitvinden hoe het ergens werkt, waar de kleedkamers zijn, hoe het orkest in de orkestbak past. Maar het is een welkome afwisseling naast het repeteren in Q-Factory en Nationale Opera & Ballet, waar het merendeel van de voorstellingen plaatsvindt.

Het andere deel van deze functie, mijn rol als Assistent-Orkestmanager, vind ik ook erg interessant. De Orkestmanager heeft door een reorganisatie wat meer kantoortaken gekregen, waardoor hij nu af en toe iets moet delegeren. Zo krijg ik soms de orkest-inspectietaken overgedragen. Dat houdt bijvoorbeeld in dat ik bij voorstellingen of repetities de presentie bijhoud en aanspreekpunt ben voor de musici en de dirigent, onder meer door te coördineren wanneer het tijd is om te stemmen of repeteren. Ook neem ik af en toe wat kantoortaken over: het voorbereiden van mails over nieuwe programma’s aan de orkestleden, of het maken van busschema’s (informatie over de vertrektijden e.a. van de tourbus voor de orkestleden tijdens de tournee, red.) en de berekeningen van de séjours (toelage voor lunch of diner voor orkestleden tijdens de tournee, red.). Ik vind het erg prettig om hierbij niet de leiding te hebben maar te assisteren: het past goed bij mij om de details uit te werken wanneer iemand anders de grote lijnen heeft uitgezet.

Balans

Ik bespeel zelf meerdere instrumenten, op het moment voornamelijk bas. Maar wanneer ik de musici zie repeteren voel ik geen verlangen om daar ook te zitten, om de muziek als professional te beleven. Mijn hobby is me té dierbaar om er mijn broodwinning van te maken.

Het is wel jammer dat mijn werk vaste uren kent die conflicteren met de tijden waarop ook amateurmusici repeteren; het is daarom voor mij nu niet meer mogelijk om op een vaste dag in de week te repeteren met een eigen orkest. Wel heb ik een goede afspraak kunnen maken met mijn werkgever: voor bepaalde projectorkesten – die dus een beperkte periode in beslag nemen – kan ik eventueel verlof aanvragen. Nu zijn er momenten in het seizoen waarbij het werk moeilijk over te dragen is, bijvoorbeeld bij een productie met veel changementen onder tijdsdruk, dus op die momenten zou ik het niet eens vragen. Maar het is fijn om voor andere periodes de mogelijkheid te hebben. Bovendien, in ruil voor deze kleine aanpassingen in mijn eigen muzikale leven heb ik dankzij mijn werk drie tot vijf dagen per week prachtige muziek om mij heen, dus voor mij is dit de ideale balans.”

Ook op zoek naar een inspirerende baan in de muziekwereld? Hier vind je ons actuele aanbod.

Tekst: Nienke Piena
Foto’s: Eduardus Lee, Ork de Rooij.

, , , , , , ,

Nog geen reacties.

Geef een reactie